ECLI:NL:CRVB:2006:AX3103
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag belastingambtenaar wegens plichtsverzuim en valsheid in geschrifte
Appellant, werkzaam als groepsfunctionaris bij de Belastingdienst, werd in 2002 geschorst en in 2003 ontslagen wegens plichtsverzuim. Het plichtsverzuim omvatte het overleggen van een vervalste factuur, het opvoeren van dubbele kosten, het afleggen van onjuiste verklaringen en het raadplegen van het BVR-informatiesysteem voor eigen doeleinden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad achtte het plichtsverzuim voldoende aannemelijk en vond het ontslag niet disproportioneel, mede gelet op de integriteitseisen voor belastingambtenaren.
Appellant voerde aan dat hij de fiscus niet had benadeeld en dat hij niet wist van de vervalsing, maar de Raad wees dit af op basis van bewijs en eerdere strafrechtelijke veroordeling. Ook het gebruik van het informatiesysteem zonder officieel verzoek werd als plichtsverzuim beoordeeld.
De Raad vond geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Middelburg van 15 september 2004.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het ontslag van appellant wegens plichtsverzuim.