ECLI:NL:CRVB:2006:AX6834
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens appèlverbod in bestuursrechtelijke subsidiezaak
Verzoeksters hebben hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend om een voorschot op een subsidie af te dwingen.
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep overweegt dat het appèlverbod, zoals vastgelegd in de Beroepswet, alleen doorbroken kan worden bij evidente schending van fundamentele procesbeginselen. Naar voorlopig oordeel is daarvan geen sprake.
De voorzieningenrechter laat de vraag of een andere partij belanghebbende is in het midden, maar concludeert dat het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk ongegrond is. De Raad zal in de hoofdzaak beoordelen of het appèlverbod doorbroken kan worden.
Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen zonder inhoudelijke beoordeling van het verzoek. Ook worden geen proceskosten toegekend.
De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter T.G.M. Simons op 30 mei 2006.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan aanleiding tot doorbreking van het appèlverbod.