ECLI:NL:CRVB:2006:AX7849
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Terugvordering teveel betaalde WAO-uitkering ondanks gewekte verwachtingen
Betrokkene ontving een WAO-uitkering die later werd vastgesteld als te hoog betaald over de periode oktober 1998 tot en met juni 2000. Het UWV vorderde het teveel betaalde bedrag van €7.372,25 terug. De rechtbank Alkmaar oordeelde dat het UWV onterecht het volledige bedrag terugvorderde, omdat betrokkene erop mocht vertrouwen dat niet het gehele bedrag zou worden teruggevorderd, en sprak het beroep van betrokkene tegen de terugvordering toe.
Het UWV stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep, die oordeelde dat de toezeggingen waarop betrokkene zich beroept niet rechtens relevant zijn en dat de terugvordering niet leidt tot onaanvaardbare gevolgen die als dringende reden kunnen gelden om van terugvordering af te zien. De Raad erkende dat het UWV fouten had gemaakt in de verrekening van inkomsten, maar dit kan geen reden zijn om terugvordering te weigeren.
De Centrale Raad van Beroep vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van het UWV gegrond. Het beroep van betrokkene werd alsnog ongegrond verklaard, waarmee het UWV gerechtigd bleef het teveel betaalde bedrag terug te vorderen.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt gegrond verklaard en de terugvordering van €7.372,25 teveel betaalde WAO-uitkering bevestigd.