ECLI:NL:CRVB:2006:AX8447
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij intrekking bijstandsbesluit
Appellant stelde hoger beroep in tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam waarbij het eerder toegekende recht op bijstand werd opgeschort en ingetrokken. Het College had het besluit op bezwaar van 17 mei 2004 genomen, waarbij de intrekking van de bijstand reeds financieel was uitgevoerd op 17 oktober 2003. De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard.
Appellant voerde aan dat een nabetaling van €216,56 over de periode van 15 tot en met 28 februari 2002 nog niet was ontvangen. Tijdens de zitting gaf de gemachtigde van appellant echter aan dat dit bedrag wel was ontvangen. Andere aangevoerde punten zoals boete, schuldaflossing, beslagdrempel en vermogen in Marokko hadden geen betrekking op het bestreden besluit.
De Raad concludeerde dat appellant geen procesbelang had bij het hoger beroep omdat de nabetaling was voldaan en andere aangevoerde gronden niet relevant waren voor het besluit op bezwaar van 17 mei 2004. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een procesbelang.