ECLI:NL:CRVB:2006:AX8483
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheid en geschiktheid functies
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV waarin zijn arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 25-35% en de geschiktheid voor bepaalde functies werd beoordeeld. De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het UWV de beperkingen van appellant juist had ingeschat, mede op basis van medische informatie van de huisarts en verzekeringsarts.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij meer beperkingen had en onvoldoende Nederlands sprak om de voorgestelde functies te verrichten. Ook verzocht hij om benoeming van een medisch deskundige en stelde hij dat hij de medische informatie niet kon verifiëren vanwege het ontbreken van schriftelijke stukken van de huisarts.
De Raad overwoog dat appellant geen nieuwe feiten of argumenten had aangevoerd die tot een ander oordeel konden leiden. De functies die aan appellant waren voorgesteld overschreden zijn belastbaarheid niet en zijn kennis van de Nederlandse taal was voldoende, mede omdat hij eerder als tolk voor zijn werkgever had gefungeerd. De medische rapportages waren voldoende gemotiveerd en de Raad zag geen aanleiding voor het benoemen van een medisch deskundige.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank. Er waren geen gronden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV en verklaart het beroep van appellant ongegrond.