ECLI:NL:CRVB:2006:AX8739
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th Wolleswinkel
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongevraagd ontslag wegens exploitatie hennepkwekerij door gemeentelijke medewerker brandweer
Appellant, werkzaam als medewerker repressie en vrijwilliger bij de gemeentelijke brandweer te Deventer, werd geconfronteerd met een hennepkwekerij in zijn woning. Na ontdekking van ruim 600 planten werd hij geschorst en vervolgens ongevraagd ontslagen wegens plichtsverzuim.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat het ontslag onevenredig was, omdat er geen directe relatie was tussen het misdrijf en zijn functie, hij geen deel uitmaakte van een crimineel circuit, en het College geen consistent beleid voerde.
De Raad stelde vast dat appellant zich schuldig had gemaakt aan plichtsverzuim en dat het College terecht hoge eisen stelt aan integriteit, vooral bij brandweerfunctionarissen. Het exploitatie van een hennepkwekerij vormt een ernstige schending die het vertrouwen schaadt en het aanzien van de gemeente en brandweer aantast.
De Raad verwierp het beroep van appellant en bevestigde het ontslagbesluit, waarbij het verschil met een ander geval waarin een mildere maatregel werd opgelegd, werd toegelicht door verschillende omstandigheden. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het ongevraagd ontslag van appellant wegens exploitatie van een hennepkwekerij wordt bevestigd als niet onevenredig.