ECLI:NL:CRVB:2006:AX9315
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering wegens passende geduide functies
Appellant, werkzaam als baliemedewerker, viel uit wegens rugklachten en werd herzien in zijn WAO-uitkering van 80-100% naar 25-35% arbeidsongeschiktheid. De verzekeringsarts stelde beperkingen vast die leidden tot een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML), waarop arbeidsdeskundigen functies selecteerden die appellant zou kunnen vervullen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond na advies van een onafhankelijke neuroloog die de geschiktheid van de functies bevestigde. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn commentaar niet aan de deskundige was voorgelegd en dat de functies onvoldoende afwisseling boden.
De Raad oordeelde dat de aangescherpte FML een juiste weergave is van de medische beperkingen en dat de bezwaararbeidsdeskundige gemotiveerd heeft waarom de functies passend zijn. De Raad vond voldoende aannemelijk dat appellant de geduide functies kan vervullen en wees het verzoek tot schadevergoeding af. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd omdat de geduide functies passend zijn.