ECLI:NL:CRVB:2006:AX9629
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- J.Th. Wolleswinkel
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt uitspraak over terugvordering onverschuldigd salaris leraar
Betrokkene, een ontslagen leraar Engels, werd door de Bestuurscommissie voortgezet onderwijs ontslagen met ingang van 15 april 1998. Ondanks schorsing van het ontslagbesluit werd het salaris vanaf die datum doorbetaald. De Bestuurscommissie vorderde dit onverschuldigd betaalde salaris terug. Na diverse besluiten en rechtsprocedures werd het terugvorderingsbedrag vastgesteld op ƒ68.487,51 (€31.078,42).
De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en stelde het terug te vorderen bedrag vast op €20.000,-, rekening houdend met zijn financiële situatie. Zowel betrokkene als de Bestuurscommissie gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank niet in lijn handelde met een eerdere uitspraak van de Raad uit 2002, waarin werd bevestigd dat de Bestuurscommissie bevoegd was tot terugvordering van het volledige bedrag en dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde. Betrokkene stelde de juistheid van de berekening niet langer ter discussie en zijn bezwaren waren principieel van aard, reeds beoordeeld in eerdere uitspraken.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank Zutphen en verklaart het beroep tegen het besluit van 4 november 2002 van de Bestuurscommissie ongegrond. Tevens worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het terugvorderingsbedrag blijft gehandhaafd.