ECLI:NL:CRVB:2006:AX9638
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- J.Th. Wolleswinkel
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim bij bijstandsfraude gerechtvaardigd
Betrokkene was sinds 1978 werkzaam bij de Sociale Dienst Amsterdam en werd geschorst wegens vermoedens van betrokkenheid bij bijstandsfraude. Na een rapportage van de Sociale Recherche legde de gemeente Amsterdam hem op 4 juni 2003 onvoorwaardelijk ontslag op. De rechtbank Amsterdam verklaarde dit ontslag onterecht en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep de processen-verbaal van de Sociale Recherche als bewijsmiddel betrokken en concludeert dat betrokkene al geruime tijd op de hoogte was van de fraude en actief heeft meegewerkt, onder meer door het schrijven van een misleidende brief en het adviseren van betrokkenen over het ontlopen van onderzoek. De Raad acht dit ernstig plichtsverzuim.
De Raad oordeelt dat het onvoorwaardelijk ontslag niet onevenredig is, mede gelet op de vertrouwenspositie van betrokkene. Ook het verschil in straf ten opzichte van een andere betrokkene werkzaam bij een deelgemeente is niet relevant. De eerdere uitspraak wordt vernietigd, het beroep van betrokkene ongegrond verklaard en het besluit tot ontslag gehandhaafd.
De Raad wijst een verzoek om proceskostenvergoeding af en benadrukt de eigen beslissingsbevoegdheid van het bestuursorgaan bij integriteitskwesties.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijk ontslag van betrokkene wegens ernstig plichtsverzuim in verband met bijstandsfraude wordt bevestigd.