ECLI:NL:CRVB:2006:AY4008
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Weigering kinderbijslag wegens onvoldoende bewijs van onderhoudsbijdrage
Appellant heeft kinderbijslag aangevraagd voor zijn kinderen die in Turkije wonen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) weigerde de uitkering omdat appellant niet had aangetoond de kinderen in belangrijke mate te onderhouden. Na bezwaar en beroep oordeelde de rechtbank de weigering terecht.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt echter het bestreden besluit voor de periode van het vierde kwartaal 2002 tot en met het tweede kwartaal 2003 omdat de bezwaarprocedure niet correct was gevolgd. Dit deel wordt terugverwezen naar de Svb voor bezwaarbehandeling.
Voor de periode van het derde kwartaal 2001 tot en met het derde kwartaal 2002 is alleen in geschil of betalingen aan derden, zoals schoonvader en huisvriend, als onderhoudsbijdrage kunnen gelden. De Raad oordeelt dat deze derden geen gezamenlijke huishouding voeren met de verzorgster, waardoor deze betalingen niet meetellen.
De overige onderdelen van het bestreden besluit worden bevestigd. De Raad veroordeelt de Svb tot vergoeding van de proceskosten van appellant, inclusief het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor het vierde kwartaal 2002 tot en met het tweede kwartaal 2003 en het bestreden besluit wordt vernietigd, voor de overige perioden wordt het besluit bevestigd.