ECLI:NL:CRVB:2006:AY4010
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding bij UWV
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV, maar dit bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard omdat het bezwaarschrift na de wettelijke termijn werd ingediend. De rechtbank Amsterdam heeft dit oordeel bevestigd en de Raad heeft het hoger beroep van appellante ongegrond verklaard.
Appellante stelde dat zij het bezwaarschrift op 22 februari 2003 had gepost en verwees naar medische klachten en zorg voor haar echtgenoot als verzachtende omstandigheden. De Raad oordeelde echter dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat het bezwaarschrift tijdig is verzonden en dat er geen omstandigheden zijn die rechtvaardigen dat de termijnoverschrijding wordt verontschuldigd.
De Raad concludeert dat het UWV het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard en ziet geen grond om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding; het hoger beroep wordt verworpen.