ECLI:NL:CRVB:2006:AY4805
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van herhaalde aanvraag WW-uitkering en weigering herziening besluit
Appellant diende op 28 november 2002 een aanvraag in voor een WW-uitkering, welke door het UWV bij besluit van 18 maart 2003 met ingang van 15 november 2002 werd toegekend. Appellant stelde dat de eerste werkloosheidsdag eerder lag, namelijk 4 september 2002, en maakte bezwaar tegen het handhavingsbesluit van 21 mei 2003.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard, waarbij zij het besluit van het UWV volledig inhoudelijk beoordeelde. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het besluit van 21 mei 2003 moet worden gezien als een weigering om terug te komen op het eerdere besluit van 18 maart 2003. De Raad stelt dat bij een dergelijk besluit de rechter zich moet beperken tot de vraag of er nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zijn die herziening rechtvaardigen.
Omdat appellant geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd, is het handhavingsbesluit van het UWV terecht genomen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit van het UWV blijft in stand.