ECLI:NL:CRVB:2006:AY5938
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep inzake deelname vrijwillige AWBZ-verzekering wegens gebrek aan procesbelang
Appellant verzocht om deelname aan de vrijwillige verzekering op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), maar zijn aanvraag werd afgewezen omdat deze buiten de wettelijke termijn was ingediend. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) verklaarde het bezwaar ongegrond en de rechtbank Amsterdam wees het beroep af.
In hoger beroep stelt appellant dat hij niet tijdig op de hoogte was van de mogelijkheid tot vrijwillige verzekering. Tijdens de procedure gaf appellant aan dat zijn aanvraag eigenlijk betrekking had op vrijwillige verzekering in het kader van de Algemene Ouderdomswet (AOW) en de Algemene nabestaandenwet (Anw), niet op de AWBZ.
De Raad oordeelt dat sinds 1 januari 2006 de Zorgverzekeringswet van kracht is, waardoor vrijwillige verzekering onder de AWBZ niet meer mogelijk is. Omdat het geschil uitsluitend ziet op de AWBZ en appellant geen feitelijk belang heeft bij de beoordeling van het besluit, ontbreekt het aan procesbelang. Ook is niet gebleken dat appellant sinds 2000 zorgkosten heeft gemaakt die onder de AWBZ zouden vallen. Daarom verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.