ECLI:NL:CRVB:2006:AY7620
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand bedrijfskapitaal wegens niet-levensvatbaar bedrijf
Appellant, eigenaar van een eenmanszaak in de autohandel, vroeg bijstand aan voor bedrijfskapitaal nadat zijn bedrijf financieel slecht was komen te staan na een detentieperiode. Het College van burgemeester en wethouders van Bernheze wees de aanvraag af omdat het bedrijf niet levensvatbaar was volgens het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004).
De Raad overwoog dat de beoordeling van levensvatbaarheid zich richt op de situatie ten tijde van het besluit van 2 december 2004. Een rapport van IMK Intermediair concludeerde dat de kredietbehoefte van appellant te hoog was en dat de financiële lasten het bedrijf te zwaar drukten, mede door een aanzienlijke schuld aan de Belastingdienst. Dit leidde tot het oordeel dat het bedrijf niet levensvatbaar was.
Appellant voerde verweer, maar de Raad vond geen aanleiding om het IMK-rapport te verwerpen of het oordeel van het College te betwisten. De Raad benadrukte dat latere ontwikkelingen buiten beschouwing blijven en dat appellant een nieuwe aanvraag kan indienen bij relevante wijzigingen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag bijstand voor bedrijfskapitaal wordt afgewezen omdat het bedrijf niet levensvatbaar is.