ECLI:NL:CRVB:2006:AY8810
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-beoordeling arbeidsongeschiktheid en geschiktheid geselecteerde functies
Appellant ontvangt sinds 1985 een gedeeltelijke WAO-uitkering vanwege psychische klachten. Na uitval in 2001 en een bezwaarschrift tegen een besluit van het UWV, stelde het UWV in 2003 de arbeidsongeschiktheidsklasse vast op 45 tot 55% met een beperking tot 6 uur werk per dag.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de medische beperkingen juist waren vastgesteld en dat de door appellant overgelegde psychiaterrapportage geen aanleiding gaf tot een andere beoordeling. Tevens oordeelde de rechtbank dat appellant geschikt was voor de geselecteerde functies.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze overwegingen. De brief van de psychiater uit 2004 leidt niet tot een andere conclusie, mede omdat deze niet betrekking heeft op de relevante datum. De Raad acht de vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid en geschiktheid van functies terecht vastgesteld door het UWV.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van 45-55% arbeidsongeschiktheid en de geschiktheid van appellant voor de geselecteerde functies.