ECLI:NL:CRVB:2006:AY9671
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R. Kooper
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken bezwaar tegen salarisstopzetting ambtenaar
Appellant, een ambtenaar, kreeg op 2 juni 2004 zijn salaris stopgezet met terugwerkende kracht wegens onwettige afwezigheid. Hij werd tevens teruggevorderd het reeds betaalde salaris en er werd een disciplinair traject aangekondigd. Na onderhandelingen werd hem een FPU-regeling aangeboden onder voorwaarden, waaronder het opnemen van verlof en het ongedaan maken van de salarisstopzetting.
Appellant stuurde op 4 juli 2004 een brief waarin hij reageerde op het voorstel, maar deze brief bevatte geen uitdrukkelijk bezwaar tegen het besluit van 2 juni 2004. De rechtbank verklaarde zijn beroep tegen de weigering een besluit te nemen niet-ontvankelijk omdat geen bezwaar was ingediend.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De brief van appellant werd gezien als een reactie op het onderhandelingsvoorstel en niet als een formeel bezwaar. Daardoor was de minister niet gehouden een besluit op bezwaar te nemen en was er geen sprake van een weigering waartegen beroep mogelijk was.
Het hoger beroep van appellant werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen omdat appellant geen formeel bezwaar heeft ingediend tegen het salarisstopzettingsbesluit.