ECLI:NL:CRVB:2006:AY9692
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.G.M. Simons
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht en verborgen vermogen
Appellanten maakten bezwaar tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam om hun bijstandsuitkering met ingang van 1 november 2003 in te trekken wegens het niet naleven van de inlichtingenplicht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat de BMW uit 1998, die van 2000 tot 2003 op naam van appellante stond, onderdeel was van haar vermogen. De stelling dat de auto eigendom was van een vriend werd niet met concrete en verifieerbare gegevens onderbouwd. Ook de Ford uit 1999, op naam van appellant 1, vertegenwoordigde een aanzienlijk vermogen. Appellanten hebben deze bezittingen niet gemeld en geen duidelijkheid gegeven over de besteding van de verkoopopbrengst van de BMW.
Hierdoor kon het College niet vaststellen of appellanten nog in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerden. Er waren geen dringende redenen om van intrekking af te zien. De Raad bevestigt daarom de intrekking van de bijstandsuitkering en wijst het beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wordt bevestigd wegens schending van de inlichtingenplicht en het niet opgeven van vermogen.