ECLI:NL:CRVB:2006:AY9698
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.Th. Wolleswinkel
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eervol ontslag arts-assistent wegens onvoldoende studieresultaten
Appellante was sinds 1 oktober 2002 in tijdelijke dienst als arts-assistent in opleiding tot klinisch patholoog bij het Erasmus Medisch Centrum. Het bestuur verleende haar eervol ontslag per 1 oktober 2003 wegens onvoldoende studieresultaten. De opleider beëindigde de opleiding schriftelijk op 24 juli 2003, waarop appellante beroep instelde bij de Medisch Specialisten Registratie Commissie (MSRC). Dit beroep werd op 26 november 2003 ongegrond verklaard.
Het bestuur stelde vervolgens bij besluit van 10 maart 2004 vast dat de aanstelling van appellante rechtsgeldig was geëindigd op 26 november 2003, de datum van de MSRC-uitspraak. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak.
De Raad overweegt dat de tijdelijke aanstelling van appellante, conform de cao Academische Ziekenhuizen, eindigt zodra de objectief bepaalbare eindsituatie van de opleiding is ingetreden. De beëindiging van de opleiding door de opleider, bevestigd door de MSRC, vormt zo’n objectief bepaalbare eindsituatie. De Raad wijst het betoog van appellante dat de regeling onduidelijk is en dat er geen objectief bepaalbare einddatum was af.
De Raad oordeelt voorts dat het bestuur niet verplicht was de aanstelling te verlengen en dat er geen sprake was van een reformatio in peius. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagt niet. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd en er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het eervol ontslag wordt bevestigd.