ECLI:NL:CRVB:2006:AY9955
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Verwijtbare werkloosheid en weigering WW-uitkering bij arbeidsconflict in het onderwijs
Appellante was werkzaam als waarnemend directeur bij een basisschool en raakte in conflict met de bovenschoolse manager na een mislukte sollicitatie. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden op verzoek van de werkgever. Het UWV en de Minister weigerden appellante een WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid, omdat zij zich zou hebben verzet tegen mediation en daarmee het arbeidsconflict had verergerd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante niet verwijtbaar werkloos is geworden. Hoewel er sprake was van een arbeidsconflict, was haar gedrag niet gericht op het op de spits drijven van het conflict. Haar weigering om de mediationsovereenkomst te ondertekenen was begrijpelijk gezien de ongelijke positie en de vertrouwelijkheidskwestie.
De Raad vernietigt de besluiten van het UWV en de Minister en beveelt dat een nieuwe beslissing wordt genomen. Tevens veroordeelt de Raad het UWV en de Minister in de proceskosten van appellante. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige beoordeling van verwijtbaarheid bij het weigeren van WW-uitkeringen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de weigering van de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid en beveelt een nieuwe beslissing.