ECLI:NL:CRVB:2006:AY9973
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanpassingen Claimbeoordelings- en Borgingssysteem bij arbeidsongeschiktheidsuitkering
Appellant maakte bezwaar tegen de verlaging van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering door het UWV, waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid was vastgesteld op 15-25%. Na een verzekeringsgeneeskundig onderzoek en psychiatrische rapportages concludeerde het UWV dat appellant ondanks spanningsklachten en suikerziekte in staat was tot het verrichten van arbeid volgens de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De Centrale Raad van Beroep beoordeelde in hoger beroep de aanpassingen van het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) door het UWV, dat gebruikt wordt ter ondersteuning van de beoordeling van arbeidsongeschiktheid. De Raad constateerde dat de UWV de eerder door de Raad gesignaleerde onvolkomenheden in het CBBS had opgeheven, zoals de nummering van belastbaarheidsaspecten, signaleringen van mogelijke overschrijdingen en de behandeling van niet-matchende beoordelingspunten.
De Raad benadrukte dat het CBBS een hulpmiddel is en dat de arbeidsdeskundige uiteindelijk een toereikend gemotiveerd oordeel moet geven, waarbij signaleringen van het systeem altijd van een nadere toelichting moeten worden voorzien. De Raad verwierp het beroep van appellant en bevestigde het bestreden besluit, waarbij geen aanleiding was voor aanvullende medische onderzoeken of proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV tot verlaging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.