ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0167
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.C.F. Talman
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering te veel ontvangen wachtgeld wegens inkomsten uit eigen onderneming
Appellant, voormalig ambtenaar, ontving wachtgeld na ontslag en verrichtte nevenwerkzaamheden in een boerderij en een bouwkundig ontwerp- en adviesbureau, omgezet in een BV. De minister herrekende het wachtgeld over 2000 en vorderde €24.291,83 terug wegens niet opgegeven inkomsten uit de BV.
Appellant stelde dat hij niet alle werkzaamheden voor de BV had verricht en dat zijn echtgenote en dochter veel taken uitvoerden. Tevens voerde hij aan dat er afspraken waren gemaakt over de wijze van opgave van inkomsten en uren. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad bevestigt dit in hoger beroep.
De Raad acht de stellingen van appellant niet geloofwaardig, wijst op verklaringen en rapporten waaruit blijkt dat appellant feitelijk alle werkzaamheden verrichtte. De vermeende afspraak over opgave van inkomsten biedt geen vrijbrief om onjuiste informatie te verstrekken. Het besluit van de minister wordt gegrond geacht en de terugvordering blijft gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van te veel ontvangen wachtgeld wegens niet opgegeven inkomsten uit de BV.