ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0442
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens termijnoverschrijding in hoger beroep WAJONG
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Groningen en werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig voldoen van het griffierecht. De Raad had appellant meerdere malen uitstel verleend, met als uiterste termijn 4 november 2005, en gewezen op de gevolgen van overschrijding.
Appellant deed verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De Raad oordeelde dat in de brief van 7 november 2005 geen duidelijke termijn was gesteld waarvan overschrijding tot niet-ontvankelijkverklaring zou leiden. Tevens werd onvoldoende op de brief van appellant van 12 november 2005 gereageerd, waarin hij aangaf het griffierecht niet te kunnen betalen.
Daarom werd het verzet gegrond verklaard, de eerdere uitspraak van 11 januari 2006 vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er zijn geen proceskosten toegekend aan appellant in verband met de verzetprocedure.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-betaling griffierecht wordt opgeheven.