ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1803
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- R.H.M. Roelofs
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor douchezitje en thermostatische kraan
Appellante heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van een douchezitje en een thermostatische kraan die al op 20 juni 2003 in haar woning waren aangebracht. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Echt-Susteren wees de aanvraag op 23 juni 2004 af, omdat de kosten ruim voor de aanvraagdatum waren gemaakt en volgens gemeentelijk beleid alleen met terugwerkende kracht tot maximaal één jaar voor de aanvraag bijzondere bijstand kan worden verleend.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond en verwierp haar bezwaar dat het College de aanvraag ten onrechte niet aan de Centrale organisatie werk en inkomen had voorgelegd. In hoger beroep handhaafde de Raad deze uitspraak en oordeelde dat geen bijzondere omstandigheden waren die bijstandsverlening met terugwerkende kracht rechtvaardigen. Tevens werd vastgesteld dat het College het beleid consistent had toegepast en de noodzaak van de kosten niet meer kon worden vastgesteld.
De Raad merkte op dat de stellingen van appellante over de Wet voorzieningen gehandicapten buiten het kader van het geding vielen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand voor de kosten van een douchezitje en thermostatische kraan wordt bevestigd.