ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1928
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herhaalde aanvraag op grond van ontbreken nieuwe feiten of omstandigheden
Appellant, voormalig elektromonteur, diende een verzoek in bij het UWV om terug te komen op het besluit van 17 juni 1994 waarbij verdere ziekengelduitkering werd geweigerd. Dit verzoek werd afgewezen omdat appellant geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die een heroverweging konden rechtvaardigen.
De Raad overwoog dat het rapport van de revalidatiearts en de correspondentie met de medisch adviseur weliswaar nieuw waren, maar geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bevatten zoals vereist in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het ging om een andere waardering van reeds bekende medische gegevens.
De Raad concludeerde dat het UWV terecht het verzoek had afgewezen en dat het hoger beroep ongegrond was. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd. Er was geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Awb.
Appellant was sinds oktober 1993 uitgevallen met klachten en had per 5 augustus 1996 een WAO-uitkering ontvangen. De medische brieven uit 1994 en 1995 bevestigden dat de klachten toen al bekend waren, maar zonder objectief aantoonbare oorzaak. De Raad achtte aannemelijk dat deze brieven bij de eerdere behandeling bekend waren geweest.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.