ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2164
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- M.M. van der Kade
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding in WAO-zaak
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Zutphen, maar deed dit na de wettelijke termijn van zes weken. Hij gaf aan dat de termijnoverschrijding te wijten was aan een zware medische herstelperiode vanwege reumatische aandoeningen en meerdere operaties.
De Raad overwoog dat hoewel de medische situatie van appellant ernstig en belastend was, onvoldoende was gebleken dat hij gedurende de relevante periode geheel niet in staat was zijn belangen te behartigen. Appellant had de mogelijkheid om een voorlopig beroepschrift in te dienen om de termijn te bewaren.
Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Het verzet tegen deze beslissing werd eveneens ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 10 november 2006.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep blijft niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.