ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2509
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontvankelijkheid bezwaar bij termijnoverschrijding en vertegenwoordiging door vakbond
Appellante, werkzaam als kraamverzorgster, diende een aanvraag in bij het UWV voor overname van loonbetaling vanwege het faillissement van haar werkgever. Het UWV wees deze aanvraag af en maakte dit besluit op de juiste wijze bekend aan appellante. Appellante maakte bezwaar buiten de wettelijke termijn en beriep zich op een brief van ABVAKABO FNV die zij zag als een machtiging om namens haar op te treden.
De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat niet was gebleken dat ABVAKABO FNV als gemachtigde was aangesteld. De brief van 5 maart 2004 van ABVAKABO FNV was een verzoek om de aanvraagprocedure te starten, maar gaf geen machtiging voor bezwaarprocedures. De Raad concludeert dat het bezwaar te laat is ingediend en de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is.
De Raad bevestigt het oordeel van de rechtbank dat het besluit rechtsgeldig is bekendgemaakt en dat het bezwaar ongegrond is verklaard. Er zijn geen feiten of omstandigheden die aanleiding geven om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. De gemaakte afspraken tussen ABVAKABO FNV en het UWV na afloop van de bezwaartermijn veranderen hier niets aan.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en het ontbreken van een geldige machtiging voor de vakbond.