ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering studiefinanciering wegens ontbreken Nederlandse nationaliteit
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen die het besluit van de IB-Groep van 22 januari 2004 vernietigde wegens ondeugdelijke motivering, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand liet. De IB-Groep had geweigerd studiefinanciering toe te kennen omdat appellant niet de Nederlandse nationaliteit bezit en niet voldoet aan de voorwaarden om als Nederlander te worden gelijkgesteld.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat verdragsrechtelijke bepalingen zonder directe werking toch een normerend karakter hebben en dat hij daaraan rechten kan ontlenen. De Raad heeft echter geoordeeld dat deze stelling niet leidt tot een andere beoordeling dan die van de rechtbank, die het vigerende wettelijke kader correct heeft toegepast.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank voor zover aangevochten en handhaaft het besluit om de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand te laten. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van studiefinanciering en handhaaft de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit.