ECLI:NL:CRVB:2006:AZ4259
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- M.C.M. van Laar
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over WAZ-uitkering wegens onjuiste verwerking stakingswinst melkquotum
Appellant, een zelfstandig melkveehouder, ontving sinds 2001 een WAZ-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Het UWV stelde de uitkering over 2002 op nihil vanwege inkomsten uit het eigen bedrijf, waaronder een winst uit de verkoop van melkquotum die als desinvesteringsbijtelling werd aangemerkt.
Appellant voerde aan dat de opbrengst uit de verkoop van het melkquotum stakingswinst betrof en derhalve buiten de berekening van artikel 58 van Pro de WAZ moest blijven. De rechtbank verwierp dit standpunt omdat appellant de winst in zijn belastingaangifte niet als stakingswinst had opgegeven.
In hoger beroep overwoog de Raad dat de Belastingdienst de stakingswinst inmiddels had erkend en dat het UWV deze onterecht als desinvesteringsbijtelling had behandeld. De Raad vernietigde het bestreden besluit en het vonnis van de rechtbank, en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de kosten van appellant in bezwaar, eerste aanleg en hoger beroep, en tot terugbetaling van het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten van appellant.