ECLI:NL:CRVB:2007:AZ6747
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit WAO-herziening wegens onzorgvuldige motivering, rechtsgevolgen in stand gelaten
Appellante, voorheen werkzaam als verpakkingsmedewerker, viel in 1999 uit vanwege colitis ulcerosa. Na een heronderzoek in 2003 werd haar WAO-uitkering ingetrokken op basis van een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na bezwaar werd deze herzien tot 55-65% arbeidsongeschiktheid.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij meer beperkingen had dan door de bezwaarverzekeringsarts was vastgesteld, met name hand- en polsklachten gerelateerd aan haar chronische darmaandoening. Zij vorderde tevens schadevergoeding en proceskosten.
De Raad oordeelde dat het UWV onvoldoende gemotiveerd had waarom de schatting van de arbeidsongeschiktheid was gebaseerd op de geselecteerde functies en medische gegevens. Dit leidde tot vernietiging van het bestreden besluit wegens strijd met de Awb. De rechtsgevolgen van het besluit bleven echter in stand, het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd wegens motiveringsgebreken, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.