ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7190
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld wegens onvoldoende medische onderbouwing arbeidsongeschiktheid
Appellant was werkzaam als orderpikker bij Fetim B.V. en meldde zich wegens psychische klachten ziek. Na onderzoek door een bezwaarverzekeringsarts en een arbeidsdeskundige werd vastgesteld dat appellant redelijk kon functioneren en geschikt was voor aangepast werk zonder conflicthantering en productiedruk. De bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat er geen sprake was van ernstige psychische klachten die arbeidsongeschiktheid rechtvaardigden.
Het UWV wees het verzoek om ziekengeld af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts als voldoende onderbouwd beschouwde. Appellant overlegde geen aanvullende medische gegevens die het oordeel konden weerleggen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze beoordeling en zag geen aanleiding tot nader medisch onderzoek. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af. De beslissing is genomen door een meervoudige kamer en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van ziekengeld wegens onvoldoende medische onderbouwing van arbeidsongeschiktheid.