ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7397
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheid wegens onvoldoende motivering maatmanarbeid
Appellant, voormalig chief executive officer, meldde zich ziek met psychische klachten en ontving een WAO-uitkering. Na herbeoordeling trok het UWV de uitkering in, stellende dat appellant niet langer arbeidsongeschikt was. Appellant maakte bezwaar en voerde medische rapporten aan die uiteenlopende conclusies bevatten over zijn beperkingen.
De bezwaararbeidsdeskundige concludeerde dat appellant niet geschikt was voor zijn oude functie maar wel voor een managerfunctie in een grote ICT-organisatie met een maandsalaris van €8.000. De Raad constateerde dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan naar de beschikbaarheid van dergelijke maatmanarbeid op de arbeidsmarkt met vergelijkbare belasting en beloning.
De Raad oordeelde dat dit een motiveringsgebrek oplevert en vernietigde het besluit van het UWV. Het UWV moet een nieuw besluit nemen rekening houdend met deze uitspraak. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en het UWV moet een nieuw besluit nemen.