ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7999
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- E. Dijt
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-uitkeringsbesluit na beoordeling belastbaarheid en functies
Appellant, laatstelijk werkzaam als verzekeringsadviseur, viel uit op 12 januari 2000 wegens darmproblemen en psychische klachten. Na onderzoek door verzekeringsarts De Wit werd appellant in lichte mate psychisch beperkt geacht, met beperkingen die door arbeidsdeskundige Braat-van Braam werden vertaald naar passende functies en een verlies aan verdiencapaciteit van 46,05%, resulterend in een WAO-indeling van 45 tot 55%.
Het UWV kende op basis hiervan een WAO-uitkering toe, waartegen appellant bezwaar maakte. De bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige bevestigden het oordeel, waarna het bezwaar ongegrond werd verklaard. De rechtbank Rotterdam oordeelde eveneens dat er geen aanleiding was om het UWV-besluit te vernietigen, mede op basis van het rapport van psychiater Van Eekeren.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, maar de Centrale Raad van Beroep volgde het oordeel van Van Eekeren, die een aanpassingsstoornis constateerde zonder noodzaak voor andere beperkingen. De Raad vond geen grond om af te wijken van het oordeel dat appellant de geselecteerde functies kon vervullen en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het UWV-besluit en de uitspraak van de rechtbank, en verklaart het beroep van appellant ongegrond.