ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8347
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Onvoorwaardelijk ontslag ambtenaar wegens vermeend plichtsverzuim niet gerechtvaardigd
Appellant was sinds 1995 werkzaam bij het Chemisch Afval Depot van de gemeente Utrecht. Hem werd ernstig plichtsverzuim verweten vanwege vermeende betrokkenheid bij de verkoop van pallets, oud ijzer, statiegeldflessen en emballage, en het eigenmachtig beschikken over opbrengsten.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. Uit het dossier en de zitting blijkt onvoldoende bewijs dat appellant wist van of betrokken was bij de handel in pallets en oud ijzer. Ook het schoonspoelen en inleveren van flessen gebeurde zonder zijn medeweten, en hij had zijn medewerkers uitdrukkelijk verboden deze flessen te verzilveren.
Verder was de handel in emballagemateriaal en frituurvet een praktijk die al bestond vóór appellant en werd destijds geaccepteerd door de gemeente. Het ontbreken van een boekhouding en incidentele betalingen uit het potje kunnen niet als plichtsverzuim worden aangemerkt. Hierdoor was het college niet bevoegd om een disciplinaire straf op te leggen.
De Raad vernietigt het ontslagbesluit en het bestreden besluit, en veroordeelt het college tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten die appellant in eerste aanleg en hoger beroep heeft betaald.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wegens vermeend plichtsverzuim wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs.