ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8711
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Terugvordering ten onrechte betaalde WAO-uitkering wegens niet nagekomen informatieplicht
De zaak betreft een hoger beroep van zowel het UWV als betrokkene tegen een uitspraak van de rechtbank Roermond over de terugvordering van ten onrechte betaalde WAO-uitkeringen over de periode 1 januari 1996 tot 1 maart 2001.
De Raad overweegt dat betrokkene zijn informatieplicht niet is nagekomen door het UWV niet te informeren over zijn statuswijziging van werknemer naar directeur-grootaandeelhouder en de goede resultaten van zijn ondernemingen. Hierdoor zijn ten onrechte uitkeringen verstrekt. Het UWV was bevoegd en gehouden deze terug te vorderen, waarbij de terugvordering niet verder kon gaan dan vijf jaar voor 13 juli 2001.
Betrokkene trok zijn stellingen over dringende redenen voor matiging van de terugvordering in. De Raad stelt vast dat het UWV de juistheid van het teruggevorderde bedrag voldoende heeft onderbouwd aan de hand van jaar- en maandverantwoordingen. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat de onderbouwing onvoldoende was.
De Raad vernietigt de aangevallen uitspraak en verklaart het beroep ongegrond. Er zijn geen gronden voor een proceskostenveroordeling. Hiermee wordt bevestigd dat het UWV terecht de terugvordering heeft vastgesteld en uitgevoerd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het UWV mag de terugvordering handhaven.