ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8974
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding tegen UWV-besluit
Appellant stelde in hoger beroep dat de termijnoverschrijding voor het indienen van het bezwaarschrift hem niet mocht worden aangerekend vanwege onduidelijkheden over het besluit en toezeggingen van een UWV-medewerker. De rechtbank had het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn. De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze overwegingen en vond geen aanwijzingen dat bevoegde instanties toezeggingen hadden gedaan die de termijn zouden verlengen.
Appellants subsidiaire grief dat de termijn pas zou zijn gaan lopen na het wegnemen van onduidelijkheden met een brief van het UWV op 4 november 2005, vond geen steun in de Algemene wet bestuursrecht. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank Breda en wees het hoger beroep af.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter J. Brand en uitgesproken in het openbaar op 9 februari 2007.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.