ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9468
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens ontbreken ziekte of gebrek
Appellant, werkzaam als uitvoerder wegenbouw, kreeg in 1993 een WAO-uitkering toegekend vanwege psychische klachten door een arbeidsconflict. Na een onderzoek naar mogelijke uitkeringsfraude waarbij bleek dat appellant werkzaamheden verrichtte die vergelijkbaar zijn met zijn vroegere werk, trok het UWV de uitkering in 2003 in. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze intrekking ongegrond, omdat de medische beoordeling geen aanwijzingen gaf voor beperkingen door ziekte of gebrek.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen voortvloeien uit ziekte, namelijk psychische klachten door een arbeidsconflict, en verwees hij naar een artikel waarin dergelijke klachten als ziekte worden aangemerkt. De Raad oordeelde echter dat appellant geen medische gegevens had overgelegd ter onderbouwing van zijn stelling en dat een afwijkende karakterstructuur of persoonlijkheidsstoornis niet als ziekte of gebrek kan worden aangemerkt.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarbij werd geoordeeld dat appellant geschikt is voor zijn eigen werk en dat de beperkingen niet het gevolg zijn van ziekte of gebrek. De WAO-uitkering blijft derhalve ingetrokken met ingang van 17 september 2003.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering van appellant wordt bevestigd wegens het ontbreken van beperkingen door ziekte of gebrek.