ECLI:NL:CRVB:2007:BA0151
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens hennepkwekerij
Appellanten ontvingen sinds 1984 een bijstandsuitkering, laatstelijk op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). In 2002 werden door de politie video-opnamen gemaakt en bij een onderzoek in april 2002 werd in een bijgebouw bij appellanten een hennepkwekerij aangetroffen. Op basis van deze bevindingen en nader onderzoek besloot het College de bijstand over april 1999 en de periode maart-april 2002 te herzien en terug te vorderen.
De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond, maar vernietigde het besluit wegens een onjuiste wettelijke grondslag, waarbij de rechtsgevolgen in stand bleven. Appellanten voerden aan nooit inkomsten uit de kwekerij te hebben gehad, maar konden dit niet met een administratie onderbouwen. De Raad stelde vast dat appellanten het bewijsrisico droegen en dat het College terecht handelde volgens de beleidsregels.
Appellanten stelden dat het College te laat had gehandeld en dat dit in strijd was met het zorgvuldigheids- en vertrouwensbeginsel, maar de Raad oordeelde dat het College pas in 2002 over voldoende informatie beschikte om tot intrekking en terugvordering over te gaan. De Raad bevestigde het besluit van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens het aantreffen van een hennepkwekerij en het niet naleven van de inlichtingenplicht.