ECLI:NL:CRVB:2007:BA0448
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van uitspraak over weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante maakte bezwaar tegen de weigering van een WAO-uitkering per 6 april 2003, omdat het UWV haar arbeidsongeschiktheid op minder dan 15% had vastgesteld. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens onvoldoende onderbouwing van de geschiktheid voor geselecteerde functies volgens het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS), maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en bevestigt de uitspraak. De Raad overweegt dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij op de datum in kwestie door maagklachten verder beperkt was in haar arbeidsgeschiktheid. Medische rapporten vermelden geen maagklachten.
Daarnaast acht de Raad het opleidingsniveau van de geselecteerde functies passend bij appellante, gezien haar middelbare schoolopleiding in Joegoslavië en haar tienjarige werkervaring in Nederland. De Raad ziet geen gronden om het bestreden besluit te herzien en bevestigt derhalve de aangevallen uitspraak.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.