ECLI:NL:CRVB:2007:BA0536
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J. Riphagen
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terug te komen van rechtens onaantastbaar besluit WAO-uitkering
Appellante, werkzaam geweest als projectleidster bij TNO, viel sinds augustus 1991 uit wegens arbeidsongeschiktheid en ontving een WAO-uitkering. Na diverse herzieningen werd haar uitkering in 1996 ingetrokken omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg. Appellante verzocht het UWV in 2001 om terug te komen op dit besluit, stellende dat zij bij aanvang van haar werkzaamheden niet beperkt belastbaar was.
Het UWV wees dit verzoek af wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden. De rechtbank Zutphen vernietigde dit besluit in 2003 wegens onvoldoende zorgvuldigheid en motivering, waarna het UWV een nieuw besluit nam dat opnieuw werd bestreden. In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep geoordeeld dat de rechtbank de juiste toetsingsmaatstaf hanteerde en dat de aangeleverde stukken geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten die herziening rechtvaardigen.
De Raad verwierp de door appellante ingebrachte aanvullende verklaringen, waaronder een verklaring van een collega die pas na het bestreden besluit was overgelegd. De Raad concludeert dat het UWV in redelijkheid tot het bestreden besluit heeft kunnen komen en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Het verzoek tot terugkomen van het besluit wordt daarmee afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek van appellante om terug te komen op het besluit tot intrekking van haar WAO-uitkering wordt afgewezen.