ECLI:NL:CRVB:2007:BA1785
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag vrijwilliger brandweer wegens ongeschiktheid en onacceptabel gedrag
Appellant was sinds 1991 vrijwilliger bij de gemeentelijke brandweer van Leusden en bekleedde vanaf 2001 een leidinggevende functie. Gedurende de jaren waren er meerdere incidenten en conflicten, waarbij het vakmatig functioneren niet ter discussie stond. Medio 2003 escaleerde de situatie door een incident waarbij appellant een collega onheus bejegende, wat leidde tot schorsing en een draagvlakonderzoek.
Het draagvlakonderzoek concludeerde dat onvoldoende draagvlak bestond voor verantwoord functioneren van appellant. Op basis hiervan verleende het college op 1 april 2004 eervol ontslag wegens onbekwaamheid anders dan ziekte. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het vertrouwen bij collega’s was verdwenen.
In hoger beroep stelde appellant dat het draagvlakonderzoek niet zorgvuldig was uitgevoerd omdat geen gespreksverslagen beschikbaar waren, waardoor hij zich niet kon verdedigen en het college de zorgvuldigheid niet kon toetsen. De Raad stelde vast dat het rapport slechts een opiniepeiling was en legde het terzijde. Wel oordeelde de Raad dat appellant herhaaldelijk op zijn gedrag was aangesproken en voldoende kansen had gekregen tot verbetering.
De Raad vond dat het college terecht het belang van onderling vertrouwen en samenwerking benadrukte, essentieel voor de brandweerfunctie. Appellant toonde vakbekwaamheid maar onvoldoende sociale vaardigheden en had door zijn dominante en onjuiste houding het vertrouwen van collega’s geschaad. Het ontslag was daarom gerechtvaardigd en er was geen reden voor een financiële vergoeding. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ongeschiktheid wordt bevestigd zonder toekenning van proceskostenvergoeding.