ECLI:NL:CRVB:2007:BA2623
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van draagkrachtvaststelling en terugbetalingsverplichting studiefinanciering
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de vaststelling van de draagkracht voor de terugbetaling van studiefinanciering, waarbij de IB-Groep de draagkracht vanaf 1 september 2005 heeft vastgesteld op € 29,75 per maand. Appellant stelde dat deze draagkracht vanaf 1 januari 2005 had moeten gelden, verwijzend naar de continuantenregeling en een schatting van het inkomen op basis van eerdere jaren.
De Raad overweegt dat de draagkrachtvaststelling op aanvraag van de debiteur plaatsvindt en dat de wettelijke regeling bepaalt dat bij een aanvraag na 1 januari het draagkrachtbedrag ingaat vanaf de eerste dag van de maand volgend op de aanvraag. De IB-Groep heeft appellant in oktober 2004 geïnformeerd dat automatische vaststelling niet mogelijk was vanwege ontbrekende inkomensgegevens en hem verzocht het formulier in te vullen.
Appellant heeft pas op 26 augustus 2005 het formulier ingediend, waardoor de draagkracht pas vanaf september 2005 kan worden vastgesteld. De Raad oordeelt dat appellant zelf verantwoordelijk is voor het tijdig indienen en dat de IB-Groep niet verplicht is een schatting te maken zonder gegevens. Het beroep wordt daarom afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt afgewezen en de draagkrachtvaststelling vanaf 1 september 2005 bevestigd.