ECLI:NL:CRVB:2007:BA2941
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.C. Bruning
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidskundige grondslag
Appellante, werkzaam als orderpikster, viel uit wegens nekklachten na een aanrijding. Het UWV weigerde haar een WAO-uitkering toe te kennen, wat door de rechtbank werd bevestigd. In hoger beroep handhaaft appellante haar standpunt van volledige arbeidsongeschiktheid en legt medische rapporten over.
De Raad oordeelt dat de medische grondslag van het besluit toereikend is en de beperkingen van appellante juist in kaart zijn gebracht. Wel stelt de Raad vast dat de schatting van belastbare functies onvoldoende is onderbouwd, omdat functies in Sbc-code 267050 ten onrechte zijn meegenomen en het totaal aantal arbeidsplaatsen onder de vereiste drempel van 30 blijft.
Daardoor berust het besluit op een onvoldoende arbeidskundige grondslag, wat leidt tot vernietiging. Het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot weigering van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.