ECLI:NL:CRVB:2007:BA2959
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing WAZ-uitkering na zorgvuldig medisch en arbeidsdeskundig onderzoek
Appellante, voormalig advocaat, verzocht om een WAZ-uitkering na een auto-ongeval in 2001 met blijvende klachten. Het UWV voerde een medisch onderzoek uit en stelde beperkingen vast, waarna een arbeidsdeskundige functies selecteerde die appellante zou kunnen vervullen en het maatmaninkomen berekende op basis van de nettowinst van de drie voorafgaande jaren.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat er geen reden was voor een urenbeperking. Ook vond de rechtbank geen aanleiding om het maatmaninkomen anders vast te stellen dan volgens vaste jurisprudentie op basis van de nettowinst.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren over de zorgvuldigheid van het medisch en arbeidsdeskundig onderzoek en stelde dat de omzet in plaats van de nettowinst als uitgangspunt moest dienen. De Raad overwoog echter dat het UWV beschikte over relevante medische gegevens en dat er geen nieuwe gegevens waren die een andere beoordeling rechtvaardigden.
De Raad bevestigde dat het normale ondernemersrisico meebrengt dat bedrijfsresultaten kunnen tegenvallen en dat de aanwezigheid van hoge personeelslasten geen reden is om af te wijken van de vaste jurisprudentie. Er was geen grond voor een proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV om geen WAZ-uitkering toe te kennen aan appellante.