ECLI:NL:CRVB:2007:BA3512
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst - Hagen
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering na verkeersongeval met nekklachten en beoordeling arbeidsvermogen
Betrokkene meldde zich ziek na een verkeersongeval met nekklachten (whiplash) en kreeg een WAO-uitkering van 80% arbeidsongeschiktheid toegekend. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) herzag deze uitkering naar 15-25% arbeidsongeschiktheid. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens schending van het motiveringsbeginsel en oordeelde dat nader medisch onderzoek nodig was.
Betrokkene diende binnen de wettelijke termijn aanvullende medische verklaringen in, waarop het UWV reageerde met een rapport van de bezwaarverzekeringsarts. De rechtbank weigerde echter het rapport ter zitting te behandelen, wat volgens het UWV de procesorde schond. De Raad stelt vast dat het rapport tijdig is ingebracht en dat de rechtbank het onderzoek had kunnen schorsen of heropenen indien betrokkene bezwaar had gemaakt.
Medisch gezien weerlegt het rapport van de bezwaarverzekeringsarts de verklaringen van de fysiotherapeut en huisarts en concludeert dat de beperkingen van betrokkene juist zijn vastgesteld. Arbeidskundig is vastgesteld dat betrokkene met zijn beperkingen de functie van vertegenwoordiger kan vervullen. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep van het UWV gegrond en laat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten en bepaalt vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van het UWV wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot herziening van de WAO-uitkering blijft in stand.