ECLI:NL:CRVB:2007:BA4817
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- C.P.M. van de Kerkhof
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld na herstelverklaring door verzekeringsarts
Appellante, werkzaam als inpakster van stropdassen, meldde zich ziek op 20 september 2004 met klachten van hoofdpijn, hartkloppingen en schildklierproblemen. Na onderzoek door een verzekeringsarts werd zij per 10 januari 2005 hersteld verklaard. Het UWV weigerde daarop de ziekengelduitkering vanaf die datum.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank Rotterdam bevestigde deze beslissing, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad beoordeelde de medische informatie, waaronder rapporten van de huisarts, cardioloog en internist. Hieruit bleek dat appellante ondanks haar aandoeningen stabiel was en in staat werd geacht lichte werkzaamheden te verrichten. De Raad concludeerde dat de verzekeringsarts terecht tot herstelverklaring was gekomen en dat het UWV terecht de uitkering had geweigerd. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van ziekengeld vanaf 10 januari 2005 bevestigd.