ECLI:NL:CRVB:2007:BA5598
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht over woonadres
Appellant ontving een bijstandsuitkering en vroeg bijzondere bijstand aan voor tandartskosten. Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Albrandswaard beëindigde de bijstand met ingang van 1 oktober 2005 en trok de bijstand terug vanaf 1 april 2005 vanwege vermoedens van onjuiste informatie over het woonadres van appellant.
De sociale recherche stelde vast dat appellant niet woonde op het opgegeven adres, maar dat de woning werd onderverhuurd aan anderen. Appellant gaf tegenstrijdige verklaringen en werd niet aangetroffen bij huisbezoeken. Het College wees ook de aanvraag voor bijzondere bijstand af wegens de schending van de inlichtingenplicht.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. De Raad oordeelde dat het College bevoegd was de bijstand in te trekken op grond van artikel 54, derde lid, WWB, omdat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld door het ontbreken van juiste en volledige informatie. De grief dat de processen-verbaal onrechtmatig waren verkregen, werd niet gegrond verklaard.
Appellant kon in hoger beroep geen voldoende duidelijkheid verschaffen over zijn woon- en verblijfssituatie. De Raad zag geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering en de weigering van bijzondere bijstand worden bevestigd wegens schending van de inlichtingenplicht over het woonadres.