ECLI:NL:CRVB:2007:BA5602
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging rechtbankuitspraak en toekenning hogere WAO-uitkering met schadevergoeding
Appellant had een WAO-uitkering toegekend gekregen voor een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-45%. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij het Uwv-besluit van 23 juni 2003 werd gehandhaafd. Appellant stelde in hoger beroep dat zijn gezondheidssituatie slechter was en dat het maatmaninkomen onjuist was vastgesteld.
De Centrale Raad van Beroep betrok een nader besluit (besluit 2) in de beoordeling, waarin de WAO-uitkering werd aangepast naar 45-55%. De Raad oordeelde dat het beroep tegen het eerste besluit mede gold voor het tweede besluit en dat het belang van appellant in beginsel was komen te vervallen, behalve voor de gevorderde schadevergoeding wegens wettelijke rente.
De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak omdat de rechtbank de procedure niet correct had gevolgd, met name in strijd met artikel 8:57 van Pro de Awb. Medische en arbeidskundige grieven van appellant werden onderzocht; de Raad vond de medische beoordeling adequaat en stelde vast dat appellant passend werk kon verrichten binnen de vastgestelde functionele mogelijkheden. De arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 46,3%, passend binnen de 45-55% klasse.
De Raad veroordeelde het Uwv tot vergoeding van de proceskosten en toekenning van wettelijke rente over de bruto na te betalen uitkering. Tevens werd het griffierecht aan appellant vergoed. De uitspraak werd openbaar uitgesproken op 4 mei 2007.
Uitkomst: De WAO-uitkering wordt verhoogd naar 45-55% en het Uwv wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.