ECLI:NL:CRVB:2007:BA6387
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit gedeeltelijke WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidskundige onderbouwing
Appellante, werkzaam als reïntegratiecoach, kreeg een gedeeltelijke WAO-uitkering toegekend wegens psychische klachten. Het UWV baseerde dit op medische en arbeidskundige rapporten die beperkingen en geschikte functies vaststelden. Appellante maakte bezwaar tegen het besluit, stellende dat haar beperkingen werden onderschat en dat niet alle functies passend waren.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege onvoldoende arbeidskundige onderbouwing, maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep betoogde appellante dat onduidelijk was welke Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) was gehanteerd en dat de functie van houtwarensamensteller onterecht als passend was aangemerkt vanwege het vereiste technisch inzicht.
De Raad oordeelde dat het UWV terecht de FML van 14.14 uur als basis gebruikte en dat de medische grondslag voldoende was. Echter, de arbeidskundige onderbouwing was onvoldoende, omdat niet duidelijk was wat technisch inzicht in de functie betekende en appellante dit ontbrak. Dit leidde tot vernietiging van het besluit en de aangevallen uitspraak voor zover de rechtsgevolgen in stand waren gelaten. Het UWV moet een nieuw besluit nemen. Proceskosten en griffierecht worden aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot toekenning van de gedeeltelijke WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit op bezwaar nemen.