ECLI:NL:CRVB:2007:BA6860
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- G. van der Wiel
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens professionele hennepkwekerij en schending inlichtingenplicht
Appellant ontving vanaf 1999 bijstand als alleenstaande ouder. In 2002 en 2003 werd vastgesteld dat appellant in zijn woning een professionele hennepkwekerij exploiteerde zonder dit te melden aan het College, waarmee hij de inlichtingenplicht schond. Ondanks zijn verklaring dat hij geen inkomsten uit de kwekerij had, oordeelde de Raad dat dit de schending niet opheft.
Appellant voerde aan dat zijn verklaring onder druk was afgelegd vanwege mishandeling, maar de Raad verwierp dit omdat de verklaring was ondertekend en geen bewijs voor onrechtmatigheid werd geleverd. Het College hanteerde een beleidsregel om bij onrechtmatige bijstand intrekking en terugvordering toe te passen, wat de Raad als redelijke beleidsbepaling beoordeelde.
Appellant stelde dat terugvordering spanningen veroorzaakte die dringende redenen vormden om af te zien, maar het Pro Justitia rapport bood onvoldoende grondslag. De Raad bevestigde dat het College terecht de bijstand introk en de kosten terugvorderde over de periode van 28 oktober 2002 tot en met 29 januari 2003. De rechtbank had de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten en de Raad bekrachtigde deze uitspraak.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens het exploiteren van een hennepkwekerij zonder melding worden bevestigd.