ECLI:NL:CRVB:2007:BA7134
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van uitspraak rechtbank inzake terugvordering WAO-uitkering over december 1997 en januari 1998
Betrokkene had een WAO-uitkering toegekend gekregen per 13 augustus 1996 en ontving vanaf september 1997 een bijstandsuitkering. Na een administratief onderzoek bleek dat betrokkene in december 1997 en januari 1998 werkzaamheden had verricht zonder dit te melden, waarna appellant een terugvordering van onverschuldigde WAO-uitkering instelde.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van betrokkene gegrond omdat appellant onvoldoende had aangetoond dat de WAO-uitkering over die maanden was betaald. Appellant bracht in hoger beroep aanvullende administratieve gegevens in, maar de Raad concludeerde dat deze onvoldoende duidelijkheid boden over de feitelijke betalingen en verrekeningen met de sociale dienst.
De Raad benadrukte dat betrokkene ook niet alle relevante bankafschriften had overgelegd die het standpunt van appellant zouden kunnen weerleggen. Gezien de ontbrekende stukken en onduidelijkheden achtte de Raad het niet redelijk dat appellant de terugvordering kon onderbouwen. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en appellant werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep van appellant af.